Skip to content

Thuismarkt Gids

Investeren in Nederlands vastgoed

Een praktische gids voor regelgeving, belastingen en investeringslogica in Nederland, overdrachtsbelasting, box 3, huurregelgeving, opkoopbescherming, VvE, erfpacht en exit. Educatief, geen juridisch of fiscaal advies.

01Waarom Nederland

Nederland blijft onze thuismarkt voor Private Capital, maar niet meer voor ontwikkeling voor eigen rekening. Hier werken we uitsluitend vanuit cliëntmandaten: aankoop- en investeringsbegeleiding, vastgoed- en vermogensstructurering, strategisch advies en waar passend regie op renovatie of transformatie voor opdrachtgevers. Voor eigen Development & Transformation ligt onze belangrijkste focus nu in Marokko en Zuid-Spanje.

02Regelgeving & fiscaal

Stand per september 2026. Tarieven, grenzen en wetsvoorstellen wijzigen regelmatig. Onderstaande onderwerpen beïnvloeden elke Nederlandse vastgoedinvestering. Verifieer altijd actuele gegevens bij de officiële bronnen. Deze gids is educatief, geen juridisch of fiscaal advies.

01

Overdrachtsbelasting

Wat het is

Een eenmalige belasting die de koper betaalt bij aankoop van onroerend goed. Het tarief verschilt afhankelijk van het gebruik: hoofdverblijf, verhuur of bedrijfspand.

Wettelijke basis

Wet op belastingen van rechtsverkeer 1970 (WBR), art. 14 (tarieven), art. 15 lid 1 sub p (startersvrijstelling), art. 15 lid 1 sub a (nieuwbouw, samenloop met btw).

Stand per september 2026

Tarieven 2026: 2% bij hoofdverblijf; 8% voor woningen die de koper niet zelf bewoont (verhuur, tweede woning); 10,4% voor niet-woningen (bedrijfspanden, grond). Startersvrijstelling (18 t/m 34 jaar, eenmalig, hoofdverblijf) tot een woningwaarde van € 555.000 in 2026; boven die grens vervalt de vrijstelling volledig. Nieuwbouw: geen overdrachtsbelasting, wel 21% btw (v.o.n.).

Ontwikkelingen

Het Belastingplan 2027 stelt voor het 8%-tarief per 1 januari 2027 te verlagen naar 7% (nog niet definitief). Startersgrens 2027: € 615.000. Rekenvoorbeeld: bij een verhuurwoning van € 400.000 scheelt 8% ten opzichte van het oude 10,4% € 9.600.

Waarom het ertoe doet

Voor investeerders verhoogt het 8%-tarief de verwervingskosten aanzienlijk en beïnvloedt het investeringscase. Bevestig altijd het toepasselijke tarief en eventuele vrijstellingen voordat u rendementen modelleert.

Verifieer het huidige tarief, vrijstellingen en voorwaarden op belastingdienst.nl (overdrachtsbelasting). Tarieven en grenzen veranderen.

02

Box 3 (Vermogensrendementsheffing)

Wat het is

Nederlandse belasting op het veronderstelde rendement van spaargeld en beleggingen, inclusief vastgoed gehouden als beleggingspand. De belasting gebruikt een forfaitair rendement, niet de werkelijke huurinkomsten.

Wettelijke basis

Wet IB 2001, hoofdstuk 5; waardering verhuurde woning art. 5.20 lid 3 Wet IB 2001 jo. art. 17a Uitvoeringsbesluit IB 2001 (leegwaarderatio, alleen bij verhuur met huurbescherming). Rechtspraak: Hoge Raad 24 december 2021 (Kerstarrest) en 6 juni 2024.

Stand per september 2026

Stand 2026: forfaitair rendement overige bezittingen 6%, tarief 36%, heffingsvrij vermogen € 59.357 per persoon (€ 118.714 voor fiscale partners). Er is een tegenbewijsregeling bij een lager werkelijk rendement. Illustratie: effectief circa 2,2% van de WOZ-waarde per jaar (vóór schulden), ongeacht de werkelijke huuropbrengst of leegstand.

Ontwikkelingen

De Tweede Kamer nam de Wet werkelijk rendement box 3 aan op 12 februari 2026 (beoogde start 1 januari 2028). Voor vastgoed: jaarlijkse heffing over de directe opbrengst (huur minus kosten; bij verhuur korter dan 90% van het jaar minimaal een vastgoedbijtelling van 3,35% van de WOZ-waarde) en waardestijging pas belast bij verkoop (vermogenswinstbelasting). De Eerste Kamer heeft de stemming uitgesteld. Op Prinsjesdag 2026 kwam er geen novelle; het kabinet wil in het voorjaar van 2027 met voorstellen komen. Invoering per 2028 vereist instemming van de Eerste Kamer vóór 31 december 2026, anders volgt minimaal een jaar uitstel.

Waarom het ertoe doet

De keuze tussen privébezit (box 3) en een bv (vennootschapsbelasting/box 2) moet per situatie worden doorgerekend door een fiscalist.

Verifieer de huidige box 3-methode, fictief-rendement-schijven en tegenbewijsregeling op belastingdienst.nl. Het systeem is onderhevig aan wetswijziging.

03

Huurregulering: Wet betaalbare huur en WWS

Wat het is

De Nederlandse huursector kent drie segmenten op basis van het puntenaantal van het Woningwaarderingsstelsel (WWS). Het puntenaantal bepaalt het segment, niet de gevraagde huur.

Wettelijke basis

Boek 7 BW, titel 4, afdeling 5 (art. 7:232 e.v.; huurprijzen art. 7:246 e.v.); Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte; Besluit huurprijzen woonruimte, bijlage I (WWS). Wet betaalbare huur in werking sinds 1 juli 2024. Wet vaste huurcontracten (1 juli 2024, art. 7:271 BW e.v.): tijdelijke contracten alleen nog voor uitzonderingsgroepen.

Stand per september 2026

Drie segmenten: sociale huur t/m 143 punten, aanvangshuur tot € 932,93 (2026); gereguleerde middenhuur 144 t/m 186 punten, tot € 1.228,07 (2026); vrije sector vanaf 187 punten. Energielabel E, F en G geven 4, 9 en 15 minpunten; betere labels geven meer punten. De WOZ-waarde telt voor maximaal 33% mee. Maximale huurverhoging 2026: sociaal 4,1%, middenhuur 6,1%, vrije sector 4,4%. Handhaving door de gemeente; boete bij een eerste overtreding tot € 23.750 (bedrag 2024).

Ontwikkelingen

WWS-aanpassingen met beoogde ingang 1 januari 2027 (liggen bij de Raad van State): een WOZ-opslag, het schrappen van de 5 minpunten bij het volledig ontbreken van buitenruimte, een hogere waardering voor kleine rijksmonumenten, en tijdelijke contracten voor alle studenten. De nieuwbouwopslag van 10% wordt naar verwachting verlengd tot 2032. De evaluatie van de wet gaat uiterlijk 1 juli 2027 naar de Kamer.

Waarom het ertoe doet

De grens tussen gereguleerde en vrije sector bepaalt prijzingsflexibiliteit, huurdersbescherming en exitopties. Verkeerde inschatting van het regime kan een pand vastzetten in gereguleerde huur met beperkte upside. De Wet betaalbare huur regelt geen inkomensgrenzen; inkomensgrenzen horen bij toewijzing door corporaties en de huurtoeslag.

Verifieer de huidige WWS-puntcategorieën, liberalisatiegrens en maximale huurtabellen op huurcommissie.nl en volkshuisvestingnederland.nl. Grenzen worden periodiek bijgesteld.

04

Opkoopbescherming

Wat het is

Een gemeentelijke regeling die verhuur van woningen binnen vier jaar na inschrijving van de akte van levering verbiedt, tenzij een vergunning wordt verleend. Kopen mag altijd; verhuren binnen vier jaar alleen met vergunning.

Wettelijke basis

Huisvestingswet 2014, hoofdstuk 7 (art. 41-48), in werking sinds 1 januari 2022, uitgewerkt in de gemeentelijke huisvestingsverordening.

Stand per september 2026

Geldt voor woningen onder een gemeentelijke WOZ-grens (de WOZ-waarde, niet de koopprijs), die jaarlijks wordt aangepast. Het gebied kan stadsbreed of per wijk zijn aangewezen. Een vergunning wordt onder meer verleend bij verhuur aan familie in de eerste of tweede graad (art. 41 lid 3). Woningen die in verhuurde staat worden gekocht, mogen verhuurd blijven. Circa 66 gemeenten hebben een actieve regeling.

Ontwikkelingen

Het aantal gemeenten met een actieve regeling neemt toe. Controleer altijd de huisvestingsverordening van de betreffende gemeente.

Waarom het ertoe doet

Het beperkt de beleggerskoperspool en daarmee de exit. Controleer de huisvestingsverordening van de betreffende gemeente.

Verifieer de huidige beschermingszones en vergunningsregels bij de betreffende gemeente (amsterdam.nl, rotterdam.nl, denhaag.nl, utrecht.nl). Aanwijzingen breiden uit over tijd.

05

Verhuurvergunningen en kortetermijnverhuur

Wat het is

Gemeenten kunnen vergunningen eisen voor verhuur, splitsing, omzetting of onttrekking van woonruimte, en voor toeristische verhuur. Sinds 20 mei 2026 geldt een EU-verordening die kortetermijnverhuur transparanter maakt.

Wettelijke basis

Wet goed verhuurderschap (1 juli 2023) met algemene regels voor alle verhuurders (maximale borg, discriminatieverbod, schriftelijke informatieplicht) en de bevoegdheid voor gemeenten om een verhuurvergunning in te voeren. Splitsings-, omzettings- en onttrekkingsvergunning: art. 21 e.v. Huisvestingswet 2014. Toeristische verhuur (registratienummer, meld- en vergunningplicht): art. 23a-23c Huisvestingswet 2014.

Stand per september 2026

Sinds 20 mei 2026 is Verordening (EU) 2024/1028 van toepassing, met een uniforme registratie, een openbaar register en een maandelijkse datadeelplicht van platforms aan gemeenten. Illegale kortetermijnverhuur wordt daardoor veel sneller zichtbaar.

Ontwikkelingen

Kortetermijnverhuurregels zijn bijzonder volatiel. Gemeenten passen handhaving steeds strenger toe.

Waarom het ertoe doet

Verhuurvergunningsregels beïnvloeden direct inkomstenverwachtingen. Aannemen van kortetermijnverhuurinkomsten zonder vergunning is een veelgemaakte fout.

Verifieer de huidige verhuurvergunningsregels bij de betreffende gemeente. Kortetermijnverhuurregels zijn bijzonder volatiel.

06

Vereniging van Eigenaars (VvE)

Wat het is

Een VvE is de wettelijke vereniging van appartementseigenaren in een gebouw, verantwoordelijk voor gemeenschappelijke delen, onderhoud, verzekeringen en reserves.

Wettelijke basis

Art. 5:106 e.v. BW. Verplicht zijn de splitsingsakte met splitsingsreglement (art. 5:111 BW) en een reservefonds (art. 5:126 BW). Sinds 1 januari 2018 moet de reservering gebaseerd zijn op een MJOP óf minimaal 0,5% van de herbouwwaarde bedragen. Een huishoudelijk reglement is optioneel. Een MJOP is niet strikt verplicht, maar wel sterk aan te raden.

Stand per september 2026

De koper is hoofdelijk aansprakelijk voor achterstallige VvE-bijdragen over het lopende en het voorafgaande boekjaar (art. 5:122 BW); de notaris vraagt daarom een opgave op bij de VvE. Bij de label-D-eis voor huurwoningen kan een VvE die niet wil verduurzamen een uitzonderingsgrond opleveren.

Ontwikkelingen

Verduurzamingsverplichtingen worden steeds strenger, wat VvE-besluitvorming en reservefondsbeleid beïnvloedt.

Waarom het ertoe doet

Een slecht beheerde VvE met onvoldoende reserves of uitgesteld onderhoud kan aanzienlijke aansprakelijkheden voor appartementseigenaren creëren. Het MJOP en het reservefonds moeten tijdens due diligence worden beoordeeld.

Bekijk de splitsingsakte, het MJOP, het reservefonds, notulen van recente VvE-vergaderingen en eventuele lopende resoluties tijdens due diligence. Schakel een Nederlandse notaris of advocaat in voor VvE-documentbeoordeling.

07

Erfpacht

Wat het is

Erfpacht is een regeling waarbij het gebouw eigendom is maar de grond eronder gehuurd wordt van een grondeigenaar (vaak de gemeente). Erfpachtcanon wordt periodiek betaald.

Wettelijke basis

Art. 5:85-5:100 BW, plus de Algemene Bepalingen van de grondeigenaar (Amsterdam onder andere AB 2000 en AB 2016 bij eeuwigdurende erfpacht).

Stand per september 2026

Canon kan eeuwigdurend of tijdelijk zijn, en kan geïndexeerd of herwaardeerd worden op canon-herzieningsdata. Checkpunten: is de canon afgekocht en tot welke datum, welke Algemene Bepalingen gelden, en wanneer is de volgende herziening.

Ontwikkelingen

Amsterdam en andere steden passen erfpachtvoorwaarden periodiek aan. Houd rekening met toekomstige herzieningsmomenten.

Waarom het ertoe doet

Erfpacht beïnvloedt de werkelijke bezitskosten, het investeringscase en exit-prijzen. Een aankomende canon-herziening kan een aanzienlijke eenmalige of doorlopende kosten uitlokken.

Verifieer de erfpachtvoorwaarden, canonbedrag, herzieningsdatum en grondeigenaar (bijv. gemeente Amsterdam Erfpacht) tijdens due diligence. De notaris bevestigt de erfpachtstatus.

08

Financiering

Wat het is

Nederlandse banken en hypotheekverstrekkers financieren vastgoedaankopen. Voor buy-to-let verschillen financieringstermijnen van koper-bewoner-hypotheken: lagere LTV, andere rentes en andere inkomensbeoordeling.

Wettelijke basis

Hypotheekrenteaftrek alleen voor de eigen woning (art. 3.120 Wet IB 2001). Bij verhuur in box 3 is rente niet aftrekbaar, maar verlaagt de schuld wel de box 3-grondslag.

Stand per september 2026

De gemiddelde rente op nieuwe hypotheken steeg sinds begin 2025 met bijna 60 basispunten tot circa 3,7% in Q2 2026. Buy-to-let heeft doorgaans een lagere LTV, vaak berekend op de verhuurde waarde, en een hogere rente.

Ontwikkelingen

Renteontwikkelingen volgen de ECB. Houd rekening met rentewijzigingen bij het modelleren van buy-to-let-financiering.

Waarom het ertoe doet

Buy-to-let-financiering is conservatiever en duurder dan koper-bewoner-financiering. Investeerders moeten niet uitgaan van koper-bewoner-hypotheektermen. LTV, rente en inkomensbeoordeling beïnvloeden allemaal het investeringscase.

Bevestig huidige buy-to-let-financieringstermijnen, LTV-limieten en rentes bij Nederlandse hypotheekadviseurs of banken. Termen veranderen met marktomstandigheden.

09

Verhuurd versus leeg

Wat het is

Een pand kan verhuurd (met zittende huurder) of leeg verkocht worden. Verhuurde panden zijn doorgaans lager geprijsd maar dragen huurdersrechten en beperkte flexibiliteit. Lege panden zijn hoger geprijsd maar staan directe herpositionering, renovatie of koper-bewoner-resale toe.

Wettelijke basis

Huurcontracten vallen onder Boek 7 BW. De leegwaarderatio in box 3 geldt alleen bij verhuur met huurbescherming.

Stand per september 2026

De verhuurd/leeg-status verandert fundamenteel het investeringscase. Verhuurde panden bieden opbrengst maar beperkte upside; lege panden bieden value-add maar hogere instapkosten.

Ontwikkelingen

Huurregulering en opkoopbescherming beïnvloeden de waarde van verhuurde versus lege panden steeds sterker.

Waarom het ertoe doet

Verkeerde inschatting van de huurderssituatie is een veelgemaakte fout. Verifieer altijd de werkelijke verhuurstatus, niet alleen de listing.

Verifieer de huidige verhuurstatus, het type huurcontract (gereguleerd vs geliberaliseerd) en het huurdersprofiel tijdens due diligence. Vraag het huurcontract en recente huurafrekeningen op.

10

Nieuwbouw versus bestaand

Wat het is

Nieuwbouw in Nederland is onderhevig aan bouwregelgeving en energieprestatienormen. Nieuwbouw vraagt een premium maar staat onder betaalbaarheidsdruk. Bestaande voorraad biedt renovatie- en transformatiepotentie maar brengt onderhouds- en compliance-overwegingen met zich mee.

Wettelijke basis

Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), sinds 1 januari 2024 onder de Omgevingswet. Nieuwbouw moet voldoen aan de BENG-eisen. Huurwoningen met label E, F of G moeten uiterlijk 1 januari 2029 minimaal label D hebben (wijziging van het Bbl). Er komt geen verhuurverbod, maar gemeenten kunnen handhaven, onder meer met een last onder dwangsom. Uitzonderingen gelden onder meer voor monumenten. Het kabinet wil labels C en D uiterlijk in 2040 uitfaseren (voornemen). Achtergrond: EU-richtlijn EPBD IV (Richtlijn (EU) 2024/1275); sinds 29 mei 2026 is er een vernieuwd energielabel.

Stand per september 2026

Nieuwbouw in uitbreidingszones kan de schaarste van centrale bestaande voorraad missen. Bestaande voorraad kan aanzienlijke energie-retrofit-investering vereisen om aan toekomstige normen te voldoen.

Ontwikkelingen

Energienormen worden in de tijd aangescherpt. Het vernieuwde energielabel (sinds 29 mei 2026) en de label-D-eis per 2029 beïnvloeden de waarde van bestaande voorraad.

Waarom het ertoe doet

De nieuwbouw-vs-bestaand-keuze beïnvloedt instapprijzen, energie-compliance-kosten, huurdersaantrekkingskracht en exit.

Verifieer de huidige energieprestatie-eisen (bijv. energielabels) en eventuele aankomende aanscherping op rijksoverheid.nl. Energienormen worden in de tijd aangescherpt.

11

Exit en liquiditeit

Wat het is

Exit in Nederland vindt plaats via een notariële akte en inschrijving in de openbare registers. De liquiditeit van de resalemarkt varieert sterk per stad, gebied en vastgoedtype.

Wettelijke basis

Levering via een notariële akte en inschrijving in de openbare registers (art. 3:89 BW). Een particuliere koper heeft drie dagen bedenktijd (art. 7:2 BW).

Stand per september 2026

In 2025 verkochten investeerders ruim 65.000 woningen en kochten ze er circa 27.000. Uitponden aan eigenaar-bewoners is daarmee de dominante exitroute. Prime gebieden in Amsterdam en Utrecht zijn het meest liquide; transformatiegebieden en secundaire locaties hebben langere verkoopcycli. De investeerderskoperspool is smaller dan de koper-bewoner-pool, met name in opkoopbeschermingsgebieden.

Ontwikkelingen

Mogelijke toekomstige vermogenswinstbelasting in box 3 bij verkoop meenemen in de exitplanning.

Waarom het ertoe doet

Exitplanning moet realistische liquiditeit weerspiegelen, niet veronderstelde waardestijging. Plan exit met een duidelijk beeld van de waarschijnlijke koper en termijn.

Beoordeel resale-liquiditeit met lokale NVM- of VBO-makelaarsdata. Ga niet uit van korte exit-termijnen in minder liquide segmenten.

03Evidence & perspective
+4,2%jaar-op-jaar

Bestaande koopwoningen, CBS/Kadaster, Q2 2026. Landelijke prijsstijging bestaande koopwoningen.

Q2 2026: Amsterdam +0,8%, Noord-Holland +2,4%, Den Haag +4,5% (grootste van de G4).

Landelijk vlakt de stijging af (Q1 2026: +5,2%).

Bronnen gecontroleerd op 24 september 2026.

04Stad vergelijken

Selecteer tot vier steden en vergelijk ze op instappunt, rendementsprofiel, huurregulering, liquiditeit, waardebehoud, expatvraag, schaarste en regelgeving. Deze vergelijking ondersteunt cliëntadvies en investeringsbeslissingen en is geen indicatie dat EL JOUHRI in Nederland voor eigen rekening ontwikkelt.

Instappunt

Hoger = duurdere instap

Amsterdam
5/5
Rotterdam
2/5
Utrecht
4/5

Rendementsprofiel

Relatief inkomstenpotentie

Amsterdam
2/5
Rotterdam
4/5
Utrecht
3/5

Huurregelgevingsblootstelling

Hoger = meer gereguleerd

Amsterdam
5/5
Rotterdam
3/5
Utrecht
4/5

Resale-liquiditeit

Hoger = liquider

Amsterdam
5/5
Rotterdam
3/5
Utrecht
3/5

Waardebehoud

Schaarstegedreven veerkracht

Amsterdam
5/5
Rotterdam
3/5
Utrecht
4/5

Expat / Internationale vraag

Hoger = meer internationale vraag

Amsterdam
5/5
Rotterdam
3/5
Utrecht
3/5

Aanbodschaarste

Hoger = meer beperkt

Amsterdam
5/5
Rotterdam
2/5
Utrecht
4/5

Regelgevingscomplexiteit

Hoger = complexer

Amsterdam
5/5
Rotterdam
3/5
Utrecht
4/5

EL JOUHRI investeerdersfit

Alignering met onze strategie

Amsterdam
4/5
Rotterdam
3/5
Utrecht
4/5

Amsterdam

Schaarstegedreven prime. Waardebehoud en selectieve transformatie.

Rotterdam

Ontwikkelings- en transformatieschaal. Meest toegankelijke instap.

Utrecht

Structureel tekort en centrale ligging. Schaarstehoud tegen lagere instap dan Amsterdam.

Scores zijn kwalitatieve beoordelingen (1-5) door EL JOUHRI, geen actuele rendementen, tarieven of drempels. Marktcondities, regelgeving en belastingtarieven veranderen regelmatig. Verifieer altijd actuele gegevens bij de officiële bronnen voordat u een beslissing neemt.

Deze gids is educatief en algemeen. Het is geen juridisch, fiscaal of beleggingsadvies. Nederlandse wet- en regelgeving, belastingtarieven en grenzen veranderen regelmatig. Onafhankelijke juridische en fiscale begeleiding is noodzakelijk voor elke transactie. EL JOUHRI aanvaardt geen aansprakelijkheid voor beslissingen op basis van deze gids. Raadpleeg altijd de officiële bronnen (belastingdienst.nl, rijksoverheid.nl, gemeenten) voor actuele tarieven en drempels.

Laten we de kans bespreken.

Twee routes: investeerdersaanvraag of strategische samenwerking. We bekijken elke aanvraag persoonlijk.

Plan een strategiegesprek

Informatie op deze website is algemeen en vormt geen aanbod, juridisch, fiscaal of investeringsadvies. Zie onze volledige disclaimer.

Evidence & perspective

The wider market context.

Netherlands
+4.2%

Bestaande koopwoning prijsindex · jaar-op-jaar

Nederland · bestaande koopwoningen · Q2 2026

Een nationale prijsbeweging, geen Amsterdamse waardering of huuropbrengst.

Source: CBS / Kadaster ↗

Bronnen gecontroleerd op 18 september 2026. Gedateerde momentopnames, geen live feed. De indicatoren hebben verschillende scopes en periodes en zijn niet direct vergelijkbaar. Het zijn geen huuropbrengsten, waarderingen of voorspelde investeringsrendementen.

Property-level assessment

What needs to be verified.

01

Legal & use

Huurcontracten, huurregulering en lokale aankoop- of splitsingsbeperkingen.

02

Asset & delivery

Bouwkundige staat, VvE-documentatie en eventuele erfpacht.

03

Ownership & exit

Renovatieomvang, exploitatiekosten en onderbouwing voor de ownership- of exitcase.

Dit zijn onderzoeksonderwerpen, niet een verklaring dat een specifiek vastgoed voldoet aan lokale wetgeving. Verkrijg actueel advies voor het betreffende object.

Continue the conversation

Bestaande relaties: log in op My EL JOUHRI. Nieuwe aanvragen: info@eljouhri.com.

Uw privacy

We gebruiken noodzakelijke technologieën om deze website te laten werken. Met uw toestemming kunnen we ook analytics of andere optionele technologieën gebruiken om te begrijpen hoe de website wordt gebruikt. Cookiebeleid.